Afbeelding door: Lot Benjamins

Afgelopen Valentijnsdag organiseerde dierentuin Artis een lezing over liefde en seks in de natuur (Valentijn onder de sterren). Iedereen lag op zitzakken en keek naar het koepelvormige plafond van het planetarium waarop allerlei plaatjes werden geprojecteerd. Een spreker luidde het onderwerp ‘geslachtsdelen’ in door een schematische weergave van een clitoris te laten zien. Hij zei: ‘Wie weet wat dit is, moet zijn hand opsteken. Niet voorzeggen!’ Zoals hij waarschijnlijk had voorzien, staken alle vrouwen hun hand op. Van de mannen slechts een enkeling.

Volgens seksuologe Ellen Laan is het eerste schoolboek waarin de clitoris als volledig orgaan is weergegeven pas in 2020 uitgegeven. Wat leerden kinderen dan vóór 2020? Ik heb mijn 15-jarige nichtje gevraagd hoe voorlichting er bij haar op school aan toeging. Ze zegt dat de focus op zwangerschap, soa’s en anticonceptie lag – precies zoals het bij mij in de tweede klas ook ging. Dat was in 2011. Wat mij is bijgebleven is dat condooms leuk zijn om op te blazen, en dat je géén gonorroe wilt. Alles wat niet aan bod is gekomen tijdens de biologieles hebben mijn klasgenoten en ik zelf moeten ontdekken of opzoeken op het internet. En als tiener kan het verwarrend of zelfs vervelend zijn als je denkt dat porno is hoe seks hoort te gaan, of als je niet begrijpt wat – en hoe belangrijk consent (‘toestemming’) is. Overigens was ‘plezier’ geen besproken onderwerp, laat staan vrouwelijk plezier.

Ik kan me herinneren dat er in de derde klas een organisatie op bezoek kwam om ons te leren debatteren. Als eindproject van deze lessen hielden we een debat over een door de organisatie gekozen onderwerp: homoseksualiteit. Wij moesten toen debatteren tegen een andere school die hetzelfde lespakket had gevolgd. Dit resulteerde in een hakkelend debat in het Parooltheater, waarbij mijn school was ingedeeld als de voorstander van homoseksualiteit, terwijl de andere, tevens religieuze school de tegenstander speelde. Wat ik toen niet besefte is dat wij als veertienjarigen debatteerden over een onveranderbare geaardheid van een hoop mensen. Terwijl aan onze klas werd geleerd hoe we moesten beargumenteren dat homoseksualiteit oké is, leerden onze tegenstanders dus om te beargumenteren dat homoseksueel zijn slecht en onnatuurlijk is. De zogenaamd eerlijke weergave van twee tegengestelde meningen over homoseksualiteit creëerde juist ruimte voor discriminatie.

Met andere woorden: seksuele voorlichting is nog niet wat het moet zijn, en dat kan nadelig zijn voor de seksuele ontwikkeling. Wat moet er veranderd worden, en hoe? Ten eerste kan voorlichting breder worden getrokken. Seks is veel meer dan voortplanting en soa’s. Seks omvat ook geaardheid, genderidentiteit, plezier, relaties, verliefdheid, emoties, opwinding, pornografie, naaktfoto’s, consent, en zo meer. Door het bespreekbaar maken van al deze onderwerpen wordt seks genormaliseerd, en wordt het ook makkelijker grenzen aan te geven of misvattingen op te klaren. Seks in de breedste zin van het woord zie je bijvoorbeeld terug in de sekslessen van de organisatie IFMSA-NL voor basisscholen (“Tienerwijs”) en middelbare scholen (“Het Voorspel”). Scholen kunnen nu zelf kiezen of ze deze voorlichting in de klas willen hebben. Idealiter wordt zulke voorlichting overal verplicht.

Ten tweede kan seksuele voorlichting veel eerder gegeven worden dan op de middelbare school. In mijn leerjaar was een aanzienlijk deel van de leerlingen seksueel actief, verliefd, ongesteld of op enige manier bezig met seks of puberteit vóórdat we voorlichting kregen. Seksuele voorlichting kan nooit te jong gegeven worden, zegt seksuologe en schrijfster Sanderijn van der Doef, zolang je het doet op een manier die bij de leeftijd past. Volgens haar is het belangrijk om seks en seksualiteit van jongs af aan te normaliseren. Dit wordt bevestigd door kenniscentrum Rutgers: seksuele voorlichting kan aangepast worden op elke leeftijd. Deze raad van Rutgers is het kloppend hart van IFMSA-NL Tienerwijs, verantwoordelijk voor voorlichting aan groep 7 en 8. Zelf geef ik zulke lessen en aan de kinderen is te merken dat ze geïnteresseerd zijn. Nieuwsgierig en leergierig ook. Soms zelfs dankbaar.

Al met al is er vooruitgang te zien in de seksuele voorlichting in Nederland. Hoewel we er nog niet zijn, gaat het de goede kant op. Voorlichting kan breder, en eerder gegeven worden. Homoseksualiteit moet niet bediscussieerd, maar besproken worden. Ieder kan zijn of haar steentje bijdragen. Seksuologen zoals Ellen Laan en Sanderijn van der Doef geven lezingen, schrijven boeken en delen hun kennis. Rutgers verschaft Tienerwijs en Het Voorspel informatie, en de lessen helpen kinderen seks te begrijpen en zich seksueel te ontwikkelen. Artis leert haar bezoekers over seks en liefde aan de hand van de natuur. En ik schrijf deze column, in de hoop om de animo voor betere seksuele voorlichting aan te wakkeren.

Deze column is geschreven door Ella Nieuwenhuijzen, bestuurslid extern bij SCORA-NL, commissielid en aankomend voorzitter van Tienerwijs Amsterdam en zelf ook voorlichter op basisscholen