Woke cultuur: een positieve ontwikkeling of vragen om meer polarisatie?

Woke cultuur: een positieve ontwikkeling of vragen om meer polarisatie?

Afbeelding door: Lot Benjamins

Tegenwoordig wordt het in bepaalde groepen heel normaal of zelfs noodzakelijk gevonden om ‘woke’ te zijn. Woke zijn betekent dat iemand bewust is van maatschappelijke ongelijkheid en hier verandering in probeert te brengen. Je eigen privileges herkennen, racisme aankaarten, een intersectionele bril opzetten, allemaal woke. Maar waar komt dit fenomeen vandaan? En waarom is er zoveel kritiek op? Zijn woke mensen wereldverbeteraars of zorgen ze voor meer polarisatie?

De term woke werd voor het eerst in z’n huidige betekenis gebruikt in 2008 in het liedje Master Teacher van Erykah Badu: “Even though you go through struggle and strife to keep a healthy life, I stay woke”. Later werd het door de Black Lives Matter beweging ingezet toen Michael Brown in 2014 door een witte politieagent werd doodgeschoten. Woke werd gebruikt door mensen van kleur om elkaar te motiveren alert te blijven. In de jaren daarna verloor de term zijn raciale betekenis en werd het opgepikt door steeds meer mensen. Het kwam voor in liedjes, series, podcasts, noem maar op. Veel mensen aan de linkerkant van de politieke schaal beschouwen zichzelf nu als woke. Dat zie ik ook veel terug in mijn eigen omgeving.

De kritiek op woke cultuur 

Dat de term nu mainstream is geworden, betekent ook dat er steeds meer kritiek op komt. Critici menen dat mensen te snel afgeschreven worden als ze niet woke genoeg zijn. Dat wordt ook wel cancel cultuur genoemd. Want wie bepaalt of de grens van woke naar niet-woke wordt overschreden? En ook al is een opmerking wel duidelijk verkeerd, heeft het zin om iemand te cancelen? Is dat niet vragen om meer polarisatie? Valentijn de Hingh schrijft in een stuk in de Correspondent over waarom die probeert compassie te hebben voor zowel de gecancelde als degene die cancelt: “Het is een woede [van activisten] die ik begrijp, maar die me ook beangstigt. Want hoe hoger de gemoederen tussen […] activisten en [de gecancelde groep] oplopen, hoe verder we van een oplossing verwijderd raken”.

De benadering van Valentijn wordt door veel mensen gedeeld, ook door bijvoorbeeld oud Amerikaans president Barack Obama. Hij is van mening dat het geen activisme is als je alleen maar veroordelende klappen aan het uitdelen bent op Twitter. En misschien hebben zij tot op zekere hoogte ook wel gelijk. Is het proportioneel dat iemand wordt ontslagen omdat diegene een liedje heeft meegezongen waar het n-woord in voorkomt? Of om iemand die voor hetzelfde vecht als jij te cancelen vanwege een detail waar je het niet over eens bent? Misschien niet. Toch denk ik dat we moeten oppassen met doen alsof dit soort voorbeelden de gehele woke beweging omschrijven. Zo wordt de echte betekenis ervan namelijk uit het oog verloren.

De essentie van woke cultuur

Zoals Damon Young aangeeft in de New York Times: “Admittedly, woke’s current iteration has been earned. It became a thing you can accessorize like a hoodie. But to be woke, essentially, is to recognize and reject the damage power inflicts on the most vulnerable.” Want dat is waar woke cultuur echt om gaat: weten wie er aan de macht zijn en begrijpen wat voor invloed dit heeft op de samenleving. Met wie houden machthebbers rekening? Wordt er aan alle groepen in de samenleving gedacht?

Sociale media hebben de mogelijkheid geboden om met veel meer verschillende mensen te praten over dit soort vraagstukken, om van veel meer mensen hun meningen en ervaringen te horen. Hierdoor waren groepen die nooit een stem hadden, opeens in staat om hun zegje te doen voor een veel groter publiek. Denk aan de ‘Me too’ beweging, die ervoor zorgde dat talloze vrouwen* eindelijk naar buiten kwamen met hun verhaal over seksueel overschrijdend gedrag dat ze hadden meegemaakt. Of aan de organisatie Black Lives Matter, die enorm groeide in bekendheid na de moord op George Floyd en heel veel mensen van kleur hun eigen ervaringen met racisme deelden.

Door op deze manier van elkaars ervaringen te leren, ontdekten mensen hun eigen blinde vlekken en kwamen ze steeds vaker op voor de meest achtergestelde groepen in de samenleving. Zo kon er druk worden gezet op mensen in machtsposities om ook naar de ervaringen van deze mensen te luisteren en hier rekening mee te houden. Daarnaast was er nu ook een manier om de macht verantwoordelijk te houden voor hun daden, namelijk door ze te cancelen, ofwel massaal aan te spreken op hun gedrag. Voorbeelden zijn Kevin Spacey en Harvey Weinstein, twee mannen die jarenlang hun macht misbruikten in de vorm van seksueel geweld. Of J.K. Rowling, de vrouw die openlijk transfoob is maar toch nog steeds een succesvolle carrière heeft. Of het bedrijf Shell dat eindelijk onder druk werd gezet om hun rol in de klimaatcrisis te erkennen.

Op wie richt je je pijlen?

Het ligt er dus aan wie er gecanceld wordt en waarom dit gebeurt. Iemand in een machtspositie mag meer kritiek verwachten dan een willekeurig persoon. Hoe meer invloed je hebt, hoe groter de consequenties van je gedrag zijn. Jarenlang hebben machtige mensen en bedrijven hun gang kunnen gaan zonder verantwoordelijkheid te hoeven nemen voor hun acties. Dat zij door onder andere de woke beweging eindelijk een keer worden aangesproken op hun bewuste én onbewuste fouten lijkt mij een goede zaak. Maar we moeten er dus wel voor zorgen dat we onze pijlen ook daadwerkelijk op de macht richten, en niet lukraak om ons heen schieten.

Uiteindelijk is de woke beweging dus het gevolg van steeds meer stemmen die gehoord worden. Het is niet zo gek dat er hierdoor meer verschillen aan het licht komen. Mensen moeten wennen aan geluiden die ze nooit eerder hebben gehoord. Dat is een kwestie van tijd. Neem deze tijd dus ook om naar elkaar te luisteren. Niemand heeft alle kennis in pacht, dus wees empathisch voor blinde vlekken van anderen. En schiet zelf ook niet meteen in de verdediging bij kritiek, maar erken dat ook jij blinde vlekken hebt. Op deze manier kunnen we hopelijk samen zorgen voor positieve verandering in plaats van tegenover elkaar komen te staan terwijl we dezelfde problemen hebben. Zoek uit wat de woke beweging en andere nieuwe vormen van het debat betekenen en hoe we van elkaar kunnen leren. Dit zal ons uiteindelijk weer dichter bij elkaar brengen.

Is het klimaatdebat wel een debat?

Is het klimaatdebat wel een debat?

97-98% van alle klimaatwetenschappers is het eens: in de laatste jaren warmt de aarde te veel op en de mens is daar voor een groot deel verantwoordelijk voor. [1] Het is ook nog eens zo dat de wetenschappers in deze groep meer kennis hebben over klimaatverandering dan de 2-3% die niet in deze groep zitten.[2] De wetenschap is dus duidelijk: de mens heeft een klimaatcrisis veroorzaakt. Maar als de wetenschap één lijn trekt, waarom bestaat er dan zoveel twijfel en kritiek in de samenleving?

De klimaatcrisis

De Verenigde Naties (VN) heeft een organisatie opgericht waar honderden experts wetenschappelijk onderzoek op het gebied van klimaatverandering bekijken. Deze organisatie heet het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) of in het Nederlands: de Intergouvernementele Werkgroep inzake Klimaatverandering. De conclusies van het IPCC kunnen samengevat worden in vier punten:[3]

  1. De opwarming van de aarde laat sinds de industriële revolutie een extreme stijging zien in de gemiddelde temperaturen wereldwijd
  2. Dit is voor een deel veroorzaakt door broeikasgassen die worden uitgestoten door de mens (zie figuur 1)
  3. Deze extreme opwarming zorgt voor problemen voor ecosystemen en de mensheid
  4. De uitstoot van broeikasgassen moet omlaag om toekomstige schade te beperken

Het IPCC is onzeker over hoe snel en met welke omvang deze uitstoot omlaag moet, maar doet wel voorspellingen op basis van modellen, die gemaakt zijn door klimaatwetenschappers van over de hele wereld. Hieruit blijkt dat de uitstoot in 2030 met ongeveer 49% en in 2050 met 95% gedaald moet zijn ten opzichte van 1990.

Klimaatontkenners en -optimisten

Ondanks het feit dat de wetenschap dus één lijn trekt, zijn er toch nog genoeg mensen die denken dat klimaatverandering geen serieus probleem is. Hieronder zie je per regio welk deel van de bevolking klimaatverandering serieus neemt. Het valt op dat de grootste uitstoter (China) klimaatverandering het minst serieus neemt. Als iedereen samen wordt genomen, vindt maar ongeveer de helft klimaatverandering een serieus probleem.

Regio Klimaatverandering is een serieus probleem Klimaatverandering is op dit moment al schadelijk voor mensen Ik maak me erge zorgen over de schade die klimaatverandering mij kan toebrengen
Afrika 61% 52% 61%
Latijns-Amerika 74% 77% 63%
Europa 54% 60% 27%
Azië 45% 48% 37%
Midden-Oosten 38% 26% 27%
De Verenigde Staten 45% 41% 30%
China 18% 49% 15%
Totaal 54% 51% 40%

De groep mensen die klimaatverandering niet serieus neemt kan opgedeeld worden in klimaatontkenners en klimaatoptimisten. De eerste groep ontkent in z’n geheel de invloed van de mens op het klimaat. Zij zeggen dat er helemaal geen sprake is van een abnormale verandering van het klimaat en dat er dus geen enkel probleem is (of ze dit nou zelf geloven of niet). Tot deze groep behoren (vrijwel) geen wetenschappers, maar vooral mensen die

  1. geloven in complottheorieën;
  2. niet willen dat klimaatverandering door de mens komt en het daarom ontkennen;
  3. alles ontkennen wat niet overeenkomt met hun wereldbeeld of politieke overtuiging;
  4. verward zijn door het feit dat de wetenschap soms van conclusie kan veranderen en het hierdoor ongeloofwaardig vinden;
  5. ergens bij willen horen of
  6. belang hebben bij het uitstoten van broeikasgassen, zoals bedrijven die hier geld mee verdienen.

De tweede groep zegt dat de mens wel invloed heeft op het klimaat, maar dat deze invloed niet zo erg is als het IPCC zegt. Bij de klimaatoptimisten zitten wel wetenschappers (maar dit is dus maar 2-3%) en deze zijn het voor een groot deel eens met de conclusies van het IPCC. Zij gebruiken de onzekerheid over de noodzaak en omvang van de klimaatcrisis alleen als reden om te zeggen dat het allemaal wel meevalt. Zij vinden dat we de klimaatcrisis geen crisis moeten noemen, als we niet zeker weten of dit wel echt zo is. Maar, onzekerheid wordt hier verward met onwetendheid. We weten namelijk wél dat de klimaatcrisis heel dringend is (op basis van de klimaatmodellen), alleen niet hoe dringend (voorspellingen zijn nooit 100% zeker). De vraag is dus niet óf we iets aan klimaatverandering moeten doen, maar wát we eraan moeten doen.

De rol van de media

De media is een belangrijke bron van informatie voor veel mensen. Aan de ene kant is het natuurlijk goed dat mensen over onderwerpen als klimaatverandering kunnen leren en elkaar kunnen helpen via (sociale) media. Maar hier zitten ook gevaren aan. Er is namelijk sprake van een valse balans, oftewel false balance. In Amerika wordt bijvoorbeeld vaak één klimaatwetenschapper tegenover één klimaatontkenner of -optimist gezet als het gaat over klimaatverandering. Op deze manier lijkt het voor mensen alsof deze tegengestelde meningen even veel kans hebben om waar te zijn. Dit klopt natuurlijk eigenlijk niet, want die kansen zijn dus eerder 97-98% tegenover 3-2%.

Deze valse balans in Amerika heeft ook invloed op Nederland. Door sociale media zien mensen bijvoorbeeld vaak video’s uit andere landen. Foutieve informatie wordt op deze manier snel over de wereld verspreid. En als je eenmaal foutieve informatie bekijkt op sociale media, krijg je dit steeds vaker aangeraden. Hiernaast krijgen in Nederland klimaatontkenners en -optimisten ook tijd op TV. De media vinden het nou eenmaal fijn om ‘alternatieve’ meningen uit te zenden, omdat dit meer kijkcijfers oplevert.

We moeten wat doen!

Van de wetenschap hebben we dus geleerd dat de aarde opwarmt door de mens en dat we hier wat aan moeten doen. Als we niks doen zullen er namelijk natuurrampen ontstaan en hele ecosystemen zullen verdwijnen. Als gevolg hiervan zullen er miljoenen mensen moeten vluchten en zullen er onvermijdelijk mensen sterven. Sterker nog, dit is in bepaalde delen van de wereld al begonnen. De Wereldgezondheidsorganisatie schrijft nu al minimaal 150.000 doden per jaar toe aan klimaatverandering en dit getal stijgt.[4] Dat we niet weten hoe snel dit zal stijgen, betekent niet dat we moeten afwachten. Als je wazig zicht hebt in je auto ga je toch ook langzamer rijden voor de zekerheid?

Het goede nieuws is: we kunnen wat doen! We hebben de technologische middelen om een duurzame transitie mogelijk te maken. Deze worden alleen nu onvoldoende ingezet. Klimaatgroepen als Fridays for Future roepen de overheid op deze technologie in te zetten en wel nu! Roep jij mee?


 [1] https://www.pnas.org/content/early/2010/06/04/1003187107

[2] https://www.pnas.org/content/107/27/12107.short

[3] https://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S0959378016305209?casa_token=sOA4hWuHhpUAAAAA:t1n1JLhpZlguntdyR4gFVsvGKFQ7JX4IDLhTre1yn2Qdv2xs_aB9X6ybTRgZ6_jXYjAOOrA9aIA

[4] https://www.who.int/heli/risks/climate/climatechange/en/

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Geen klimaatstress, wel confetti

Geen klimaatstress, wel confetti

Wie zich veel zorgen maakt om klimaatverandering, kan zich na een tijdje compleet uitgeput en gestrest voelen. Waarom zou je nog moeite doen om duurzaam te leven terwijl zó veel mensen helemaal niet meewerken? De klimaatcrisis is te groot om in je eentje op te lossen. Bovendien kost het ontzettend veel energie om er de hele tijd mee bezig te zijn. Daarom is het goed om af en toe een break van je klimaatstresste kunnen nemen. Maar hoe doe je dat?

First things first: doe je laptop dicht, zet je smartphone uit, pak een kop thee en doe je meest chille outfit aan. Je kan de wereld toch niet helpen als je je zo verlamd voelt, dus het is tijd om te ontspannen en een moment voor jezelf te nemen.

Begin met focussen op je ademhaling. Het liefst rechtop in kleermakerszit op een matje of op je bed. Even nergens aan denken behalve aan je ademhaling zorgt ervoor dat je hoofd even helemaal leeg wordt. Beeld je in dat alle negatieve gedachten als confetti uit je knallen of als water uit je vloeien. Ga vervolgens met je gedachten naar alle positieve dingen die je de afgelopen tijd hebt meegemaakt. Dit kunnen grote dingen zijn (slagen voor je eindexamen), maar ook kleine dingen (dat gezellige praatje met een vreemde in de metro).

Laat dit vervolgens overvloeien naar de positieve dingen uit je hele leven. Waar ben je dankbaar voor? Wat gaat er goed in je leven? Waar ben je trots op? Pak een notitieblokje erbij als je dit op wil schrijven om te onthouden voor een volgende keer.

Als je dit hebt gedaan, voel je je als het goed is alweer rustiger en positiever. Probeer altijd tijd te maken voor zo’n momentje voor jezelf. Het is heel belangrijk om lekker in je vel te zitten en je bewust te zijn van de fijne dingen in je leven. Dit helpt niet alleen om op het toppunt van je frustratie weer even rustig te worden, maar je oefent op deze manier ook omdenken.

Omdenken betekent dat je je oorspronkelijke negatieve gedachte omzet in een positieve gedachte. Als je eerst rustiger en positiever bent geworden door ontspanningsoefeningen en daarna weer aan de klimaatcrisis denkt, kan je deze (en je eigen bijdrage) misschien positiever benaderen. Je mag namelijk best trots op jezelf zijn dat je jouw omgeving het goede voorbeeld geeft door bijvoorbeeld geen vlees te eten of alleen maar tweedehands kleding te kopen. Of misschien help jij de wereld wel door te praten over klimaatverandering waardoor je vrienden en familie bewust worden van het probleem.

Wil je nou een professionele les in ontspanning volgen waarbij ook aandacht wordt besteed aan kracht en flexibiliteit? Probeer eens een les in yoga, pilates, essentrics of een combinatie hiervan genaamd bodybalance. Dit kan bij een sportschool in de buurt, maar ook via filmpjes op YouTube. Deze lessen bieden aan de ene kant structuur in je ontspanningsmoment, maar aan de andere kant is er ook ruimte voor een eigen invulling van de les. Op deze manier forceer je jezelf tijd te maken voor een rustig en positief moment, kan je je lichaam goed leren kennen en ben jij weer helemaal klaar voor de strijd om de wereld inclusiever en duurzamer te maken.

De strijders tegen onopgemerkte hartaanvallen en partnermoord

De strijders tegen onopgemerkte hartaanvallen en partnermoord

Afbeelding door: Lot Benjamins

Disclaimer

Het is belangrijk om aan te geven dat dit artikel alleen focust op ongelijkheid tussen mannen en vrouwen. Bij feminisme komt eigenlijk veel meer kijken. Mensen die geen man en geen vrouw zijn en de ongelijkheid die zij ervaren wordt bijvoorbeeld niet besproken. Hiernaast zijn andere vormen van onderdrukking zoals racisme, validisme, klassisme en fatshaming niet meegenomen. Dit heeft wel allemaal invloed op de ongelijkheid die iemand ervaart en is onderdeel van waar het feminisme tegen vecht. Om dit basisartikel niet te ingewikkeld te maken heb ik voor deze eendimensionale vorm gekozen, maar als je meer wil weten over verschillende ervaringen van ongelijkheid en hoe deze invloed op elkaar hebben, lees dan even het artikel Zet je intersectionele bril op.  

Het Volkskrant Magazine schreef op 29 augustus[1] dat hartaanvallen bij vrouwen vaak niet worden herkend. In het artikel stond dat de klachten van vrouwen bij een hartaanval vaak anders zijn dan de klachten die ‘normaal gesproken’ voorkomen. ‘Normaal gesproken’ betekent hier ‘bij mannen’. Mannen zijn op dit gebied namelijk nog steeds de standaard en dit heeft veel gevolgen voor vrouwen. Onopgemerkte hartaanvallen zijn maar één van de vele voorbeelden van de ongelijkheid tussen mannen en vrouwen die er vandaag de dag nog steeds is. In de Volkskrant van datzelfde weekend stond bijvoorbeeld een column[2] over femicide: er was weer een vrouw door haar (ex-)partner vermoord. Deze twee dingen lijken misschien niks met elkaar te maken te hebben, maar niets is minder waar.

In ons land bestaat een systematische ongelijkheid tussen mannen en vrouwen. Dit betekent dat veel regels die wij in Nederland hebben beter passen bij mannen dan bij vrouwen. Deze ongelijkheid is ontstaan doordat we een bepaald beeld hebben van hoe mannen en vrouwen zouden moeten zijn. Traditioneel gezien staat de man op de eerste plaats en is de vrouw de ondersteuner. Nu lijkt deze rolverdeling uit ons land te zijn verdwenen: vrouwen mogen stemmen, werken, een eigen bankrekening hebben, anticonceptie slikken en nog veel meer dingen die nog niet zo lang geleden ondenkbaar waren. Toch zijn deze verwachtingen (stereotypen) van mannen en vrouwen er nog steeds en hebben ze in 2020 nog veel invloed op onze maatschappij.

Stereotypen als de basis van ongelijkheid

Onbewust zien we mannen nog altijd als de nummer één. Daardoor waarderen we eigenschappen die traditioneel als mannelijk worden gezien meer dan eigenschappen die als vrouwelijk worden gezien. Voorbeelden van mannelijke eigenschappen zijn: competitiviteit, directheid en assertiviteit. Mannen met deze eigenschappen zien we als serieuze, bekwame leiders. Voor vrouwen geldt dit niet: vrouwen met deze eigenschappen worden eerder gezien als onbetrouwbaar of koud. Bij vrouwen worden traditioneel vrouwelijke eigenschappen als empathie en kwetsbaarheid verwacht, maar deze eigenschappen worden ook als ongewenst ervaren, zeker in het werkveld. Een land waar vooral traditioneel mannelijke eigenschappen worden gewaardeerd en dan ook nog eens alleen bij mannen, heet een patriarchaat. Doordat we in Nederland in een patriarchaat leven, hebben mannen een sterkere machtspositie dan vrouwen.

De media speelt hier ook een grote rol in. Mannen worden bijvoorbeeld veel vaker neergezet als expert, in een werksituatie, als bron van het nieuws, als advocaat, rechter, academicus of dokter, als machthebber of succesvol persoon, als grappig of als slim. Vrouwen worden daarentegen vaker neergezet in een privésituatie, als iemand zonder baan, in sexy en onthullende kleding, in de keuken of om te praten over ‘vrouw gerelateerde’ onderwerpen.[3] Zo versterkt de media hoe we mannen en vrouwen zien, wat we van ze verwachten en hoeveel we ze waarderen.

Deze stereotypen en de media die deze bevestigen, zorgen ervoor dat er een enorme druk ontstaat voor zowel vrouwen als mannen om hieraan te voldoen. Het gevolg hiervan is dat vrouwen harder worden afgerekend als het gaat om hun uiterlijk en veel vaker worden geseksualiseerd dan mannen. Denk maar aan Instagram die geen vrouwelijke tepels toestaat op hun platform, maar wel mannelijke. Deze seksualisering wordt nog vervelender in combinatie met de druk die mannen ervaren om dominant te zijn en geen kwetsbaarheid te tonen. Samen zorgt dit er namelijk voor dat vrouwen vaker te maken krijgen met seksuele intimidatie, seksueel geweld[4] en (ex-)partnermoord. Maar deze druk kan niet alleen voor vrouwen tot de dood leiden. Mannen kunnen heel veel last hebben van het gevoel dat ze altijd maar stoer moeten zijn, moeten presteren en een dominante houding moeten aannemen, terwijl kwetsbaarheid wordt afgestraft. Dit zorgt er mede voor dat ze veel vaker het slachtoffer zijn van zelfmoord.[5]

Het feminisme is een beweging die vecht tegen deze stereotypen en ervoor wil zorgen dat mannen en vrouwen gelijkwaardig worden gewaardeerd. Om gelijkwaardigheid voor elkaar te krijgen organiseren feministen acties of campagnes, starten en tekenen zij petities en gaan ze in gesprek met de politiek of een vakbond. Een voorbeeld van een beroemde feministische groep uit 1970 is Dolle Mina. Je kent deze groep misschien wel door hun ‘Baas in eigen buik’ actie voor het recht op abortus. Feministische organisaties van deze tijd zijn bijvoorbeeld De Bovengrondse, Atria, WOMEN Inc., Mama Cash, PISSWIFE en DAMN, HONEY. Ook zijn er veel feministen die alleen te werk gaan, zoals Milou Deelen en Madeleijn van den Nieuwenhuizen.

Minder macht, geld en status

Er zijn verschillende belangrijke gevolgen van het leven in een patriarchaat. Deze laten zien hoeveel ongelijkheid er nu nog steeds is en waarom het hard nodig is dat feministen zich daarvoor inzetten. Een belangrijk gevolg is ongelijkheid in het werkveld. Het is namelijk over het algemeen lastiger voor vrouwen om aan een baan te komen dan voor mannen. De reden hiervoor is dat de meeste mensen die op posities zitten waar ze mensen kunnen aannemen mannen zijn. Aangezien mensen vooral werknemers aannemen die op ze lijken, zijn dit dus ook weer voornamelijk mannen. Stel je voor: je bent de baas van een bedrijf en daarnaast hou je ervan om te voetballen. Er komen twee mensen op sollicitatie: één lijkt qua uiterlijk op jou en is, net als jijzelf, een voetbalfan. De ander ziet er heel anders uit en tennist liever. Beiden zijn geschikt voor de baan. Wie neem je aan? Waarschijnlijk kies je de eerste kandidaat. En dit is ook niet gek! Je verwacht dat deze kandidaat goed is, omdat deze persoon op jou lijkt en jij van jezelf weet dat jij goed bent. Dit is alleen een probleem, omdat bijna alle bazen van bijna alle bedrijven hetzelfde soort type persoon zijn en hierdoor alleen maar dezelfde soort mensen worden aangenomen. Van de huidige bestuurders is maar 11.7% vrouw.[6] Van de Tweede Kamerleden is nog geen één derde vrouw.[7] Dit zorgt ervoor dat vrouwen banen mislopen en niet de macht hebben om dit te veranderen. 

Als vrouwen dan toch een baan hebben gekregen, verdienen ze minder geld voor hetzelfde werk. Deze zogenoemde loonkloof is in Nederland 14%. Als deze wordt aangepast voor functie en uren blijft er nog een onverklaarbare 7% in het bedrijfsleven en 5% bij de overheid over. Dit betekent dus dat vrouwen en mannen die precies hetzelfde werk doen, niet hetzelfde verdienen. Hier komt bij dat vrouwen naast hun baan 1,5 keer zoveel taken hebben in het huishouden en de zorg voor de kinderen vergeleken met mannen. Door deze extra taken is het voor vrouwen niet altijd mogelijk om evenveel aanwezig te zijn als mannelijke collega’s. Dit kan vervolgens weer invloed hebben op bijvoorbeeld salarisverhogingen of promoties. Om deze redenen verdienen (hetero)vrouwen vaak minder dan hun mannelijke partner. Als er kinderen komen, is het dus ook vaak de vrouw die minder gaat werken. Zo houdt de loonkloof zichzelf dus in stand.

De gevolgen van een ongelijke machtsverdeling

Als gevolg van deze machtsverschillen tussen mannen en vrouwen is er veel ongelijkheid ontstaan die je overal terugziet. Mensen met macht bepalen namelijk de regels en als deze machthebbers vooral mannen zijn, zijn de regels dus voor het grootste deel op mannen aangepast. Hierdoor worden er bijvoorbeeld vooral onderzoeken gedaan met mannelijke deelnemers en wordt er bij het verzinnen van oplossingen voor maatschappelijke problemen vooral aan de problemen van mannen gedacht. Om een paar voorbeelden te noemen: op het gebied van gezondheidszorg zorgt dit ervoor dat vrouwen vaker verkeerde medicijnen krijgen toegediend of de goede medicijnen in een verkeerde hoeveelheid. Hierdoor overlijden vrouwen vaker onnodig dan mannen en is hun hersteltijd vaak langer. Ook gebruiksvoorwerpen en vervoersmiddelen zijn gebaseerd op het mannelijke lichaam. Zo wordt de veiligheid van auto’s getest met mannelijke poppen. Hierdoor hebben vrouwen 47% meer kans op ernstig letsel na een auto-ongeluk.[8]

Dus… 

Dus, het feminisme is heel hard nodig! Door de verwachtingen die we hebben bij mannen en bij vrouwen, hebben mannen een voordeel bij het krijgen van een hoge functie of een plek in de politiek. Als dit eenmaal zo is, is het moeilijk hiervan af te komen omdat bazen van bedrijven werknemers aannemen die op ze lijken. Dit zorgt voor een verschil in macht tussen mannen en vrouwen dat zichzelf in stand houdt. Doordat mensen met macht de regels kunnen bepalen heeft dit verschil in macht invloed op alle vrouwen in Nederland, niet alleen op de vrouwen die graag de baas van een bedrijf willen worden. Verandering is ook nodig voor de vrouwen die onnodig zullen overlijden aan een hartaanval of het slachtoffer worden van geweld door hun partner, het is nodig voor alle vrouwen die seksueel geïntimideerd zijn, voor de vrouwen die geen baan kunnen vinden of geen promotie krijgen en voor de vrouwen die onnodig letsel oplopen bij een auto-ongeluk. En ook voor veel mannen zal het een opluchting zijn om niet meer aan het plaatje van ‘dominante, stoere man’ te moeten voldoen, terwijl zachte eigenschappen worden afgestraft. Verandering is nodig, ook nu.

Noten

[1] ‘Steeds meer vrouwen krijgen een hartinfarct: voordat ik het wist lag ik met gillende sirenes in de ambulance’ – Volkskrant Magazine

[2] ‘Femicide is niet iets wat pechvogels nu eenmaal overkomt’ – De Volkskrant 

[3] Check de exacte verschillen op www.womeninc.nl 

[4] Kijk voor meer informatie op www.rutgers.nl

[5] Bron: https://www.ad.nl/wetenschap/aantal-zelfmoorden-bij-mannen-twee-keer-zo-hoog-als-bij-vrouwen-dit-is-waarom~a39368d5/?referrer=https://www.google.com/

[6] De cijfers uit ‘Minder macht, geld en status’ komen van WOMEN Inc. Kijk op hun website voor meer informatie.

[7] Bron: https://www.parlement.com/id/vh8lnhrre0zv/vrouwen_in_de_tweede_kamer

[8] Bron voor de voorbeelden over gezondheid: Onzichtbare Vrouwen van Caroline Criado Perez. Lees haar boek voor meer informatie.